Griekse heiligdommen - Thomas Göbel

Locatie van de drie heiligdommen

Thomas Göbel (1928-2006) was een fenomenoloog uit Pforzheim (D), mede-oprichter van het Carl Gustav Carus Instituut aldaar, waar ondermeer maretakmedicijnen tegen kanker worden ontwikkeld. In de jaren '70 publiceerde hij drie artikelen over Griekse heiligdommen in het tijdschrift Erziehungskunst. Op de Academie voor Euritmie in Den Haag dienden deze als voorbereiding op een Griekenlandreis. In die tijd was Göbel jaarlijks gastdocent aan de Academie. 

De artikelen van Göbel over Griekse heiligdommen worden dit najaar in vertaling beschikbaar gesteld door Peter Oterdoom uit Groningen. Volgens de vertaler bieden de artikelen een originele fenomenologische benadering van de drie heiligdommen Delphi, Epidauros en Olympia, die van waarde kan zijn voor het onderwijs. Het eerste artikel gaat over Delphi (onderaan deze pagina zelf te downloaden). Het is door Oterdoom voorzien van foto's en vertaald uit 'Erziehungskunst' 1972 XXXVI 7/8. In november volgen Epidauros en Olympia. Belangrijke heiligdommen naast deze drie zijn nog: Samotrakè (N op een eiland); Ephese (O in het huidige Turkije); Eleusis (W van Athene).

• Delphi is de bakermat van de vorming van het sociale in het antieke Griekenland.

• Epidauros is de plek waar geneeskunst tot ontwikkeling werd gebracht. Kunst is daarbij een belangrijke remedie.

• Olympia is de plek waar de mens voor het eerst als zelfstandig wezen werd geschoold. Je kan zeggen de plek waar het Ik werd geboren.

Delphi, Epidauros en Olympia - Peter Oterdoom (voorwoord)

Parnassus, Delphi (foto: Oterdoom)

De heiligdommen laten zien dat in de Griekse antieke cultuur, de sociale ontwikkeling gelijk optrok met de individuele ontwikkeling. Het één kan niet zonder het ander.
Epidauros laat nog een derde aandachtsgebied zien: de genezing. Zelfstandig zijn brengt onvermijdelijk met zich mee dat je als mens in een crisis kunt raken en ziek kan worden. Met kunst - dramatische kunst in het bijzonder - krijg je hier gereedschap aangereikt om de schaduwkanten van je ontwikkeling op eigen kracht te leren hanteren.

Delphi
Een pelgrim uit Athene kwam per schip en zag vanaf de Golf van Korinthië het grote, 2457 meter stompe bergmassief van de Parnassus liggen. Voor de moderne Griek een belangrijk wintersportgebied. In Parijs is de Mont Parnasse naar deze berg vernoemd.
Vanaf de havenstad Kirrha (nu Itea) klom hij 4 km door het sappige dal van de Pleistosbeek omhoog naar het heiligdom Delphi dat aan de voet van een steile rotswand is gelegen. Deze wand, de Phaedreaden, onttrekt de Parnassus aan zijn blik.
Hij komt aan in het tempeldomein van Athena Pronaia. Dat betekent 'vóór de tempel van Apollo'. Van daar gaat zijn tocht verder naar de hoger en 600 meter verder gelegen Apollotempel, het theater en het nog hoger gelegen stadion.

Epidaurus
Dit heiligdom is beroemd door de fabelachtige akoestiek van het theater. Gidsen laten hun toeristen graag op de achterste rijen van het theater plaatsnemen en strijken dan midden op het orchestra een lucifer af. Het klinkt voor de toerist alsof die naast hem wordt afgestreken. Onderzoek heeft aangetoond dat deze akoestiek mogelijk is gemaakt door de proporties van het theater en de vormgeving van gaanderijen en zitplaatsen. Het theater was een middel om de ziel van de zieke voor te bereiden op de naar genezing. Ook het beoefenen van muzische en sportieve vaardigheden droegen bij aan deze voorbereiding.

Olympia
Olympia - gelegen op het schiereiland Peloponesos - was in hoge mate een ruïne na de opgraving. Inmiddels wordt er druk aan gewerkt om delen van het complex opnieuw op te bouwen. Kennelijk is de bakermat van de Olympische spelen interessant als touristische attractie. De berg Olympus is circa 250 km noordelijker gelegen op het vasteland van Griekenland.

Delphi Inspiratieplaats voor sociale kunst - Thomas Göbel

Heiligdom Delphi met hoofdas ingetekend

"Zeus, die de wereld deed schudden - die bliksems wierp en wolken samentrok - liet twee adelaars vanuit tegengestelde polen van het wereldal vliegen, om het middelpunt van de aarde vast te stellen, zo verhaalt de Griekse mythe. De adelaars treffen elkaar op de zuidhelling van de Parnassus, in Delphi, de navel van de wereld. Op deze plek heeft de draak Python zijn woonplaats, zoon van moeder aarde Gaia. Uit een spleet in de aarde verheft hij zich in een opstijgende damp die de Parnassus omslingert.

Als Apollo - geboren in Delos - zoekt naar een plaats voor de bouw van zijn tempel, verblijft hij in Haliartos bij de bronnennympf Telphoussa. Door haar woorden in de war gebracht, verlaat hij deze plaats en bereikt bij Delphi de helling van de Parnassus. De door licht omgeven god stoot hier op Python en met zijn pijlen doodt hij de draak. Dwars over de spleet in de aarde - waarin de Python huisde - wordt de tempel van Apollo opgericht. Vanaf nu spreekt Apollo hier door de mond van Pythia, als hem dat gevraagd wordt.

Het doen en laten van de Griekse staat, het volk en het gezin werd geleid door de Pythische orakelspreuken. De Griekse cultuur breidde zich uit naar Klein Azië, Zuid- en Zuidwest-Europa. Delphi was de inspiratiebron voor de sociale ontwikkeling van de verschillende Griekse volken. De onderlinge strijd tussen deze volken werd vanuit Delphi tot rust gebracht en verheven naar het domein van de kunst door de invoering van lierspel en poëzie. Dat is de werking van Apollo, de leider van de muzen en de stichter van de Pythische spelen, waar ter ere van hem de kunstzinnige competitie in al zijn pracht kon ontstaan."

Dat is ongeveer, wat we tegenwoordig nog weten van de ontwikkeling en de sociaal-culturele betekenis van Delphi in het oude Griekenland. George Roux heeft in "Delphi, orakel en plaats van godenverering" op verdienstelijke wijze alle overgeleverde details bijeengebracht, geordend en geanalyseerd. Dit boek moet iedereen lezen die zich verder in het Delphische heiligdom wil verdiepen. Wat je hier als lezer echter niet zal vinden, is een overtuigend verband tussen de zintuigelijke waarneming en de inhoud van de Griekse godenleer.
Zolang Delphi nog deel uitmaakt van je fantasiewereld, zal het bezoek aan de geografische plaats een merkwaardig dubbel gevoel in je ziel losmaken.

Een bezoek aan Delphi - Thomas Göbel

De heilige straat (l) en het Apollodomein (r).

Het door de gouden avondzon overstroomde monumentale landschap en de enorme massieve rotsen van de Phaedreaden, die nu nog net als toen in het licht glanzen, laten in je ziel een zweem van thuisgevoel opbloeien. Maar de al vóór onze tijd barbaars kapotgeslagen puinhopen van het heiligdom, slechts provisorisch geordend, wekken een vervreemdende indruk en voeren de ziel terug naar het nu.

De brede geasfalteerde autoweg, die het heiligdom doorsnijdt, verbindt het noordelijke Lamia met het zuidoostelijke Livadeia, om de Parnassus heen richting Athene. Het is de botte beschaving van tegenwoordig, die ook hier de natuur bedreigt: een voortzetting van de barbarij die de tempel verwoestte. Het heiligdom wordt verdeeld door deze weg. Boven de weg ligt het heilige domein en het stadion, eronder het domein van de Athene Pronaia, 'de Athena vóór de tempel van Apollo'.

Hier moet een Griekse wandelaar - komend van de haven Kirrha - zijn voet op de drempel van het heiligdom gezet hebben, terwijl hij omhoog klom uit het dal van de woeste beek Pleistos. Vanaf dit geografisch laagstgelegen punt van het tempelcomplex, liep zijn weg naar de bron Kastalia, waar hij met een rituele handeling het stof, maar ook zijn zonden van hoofd en voeten waste. Pas nu betrad de bezoeker de heilige straat, die hem leidde langs de schatkamers, de gedenkstenen, de offergaven en de koepels tot in het heilige domein, dat door de heilige muur is omsloten. Tussen de Apollotempel en het theater eindigt deze straat.

De in een ritme van acht jaar en later in een ritme van vier jaar gehouden Pythische spelen werden oorspronkelijk gehouden aan de oever van de Pleistos, diep onder het Athena Pronaia domein. Later werden ze in het stadion gehouden. Dit ligt boven het heilige Apollotempel-domein. minder ver dan het Athena Pronaia, dat ver daaronder is gelegen.

Onder een rotspunt tussen het heilige domein van de Apollotempel, het theater en het stadion ontspringt de Kassotis bron. Deze verdeelt de ruimte tussen het stadion en het tempeldomein op een zelfde manier als de diep ingesneden wilde kloof van de Kastalische bron de ruimte veerdeelt tussen het heilige domein en het domein van Athena Pronaia.

Het voorgevoel dat hier een aantal toevallige waarnemingen bij elkaar komen, maakt dat we de drie domeinen van het Delphische heiligdom eerst geografisch willen indelen. Diep ondeeraan de helling, in de richting van de beek de Pleistos, ligt het heiligdom van Athena Pronaia. Midden op deze helling, omhuld door de westelijke Pheadreaden, vinden we het heilige domein met de Apollotempel en het theater. En als laatste vinden we op de lege vlakte van het stadion, de plaats voor muzische en lichamelijke scholing. De topografische schets geeft een indruk van de ruimtelijke samenhang van deze drie architectonische onderdelen, maar deze geeft helaas geen beeld van de hoogteverschillen.

Over Thomas Göbel (uit omslagtekst Die Quellen der Kunst)

Boekomslag Die Quellen der Kunst

Thomas Göbel heeft als fenomenoloog naam gemaakt in de antroposofisch geinspireerde biologie. Van jongs af aan heeft hij zich ten doel gesteld deze voor ons bewustzijn verborgen bron voor wetenschap, kunst en ethiek toegankelijk te maken. In zijn sociaal- en natuurwetenschappelijke werk weet hij op een ondogmatisceh en verfrissende wijze over de traditionele grenzen van wetenschap en kunst te overschrijden. Hij laat de lezer als reisgenoot deelnemen aan de ervaringen en belevenissen op  zijn eigen zoektocht. 

Voor wie zelf deze scholingsweg wil gaan, kunnen de voorstellingen van Thomas Göbel inspirerende impulsen bieden. Als natuurwetenschapper stelt hij zich enerzijds de vraag naar de aard van het denken en anderzijds de vraag naar de aard van de zintuigelijke waarneming. Bij het vraagstuk van de zintuigelijke activiteit van de mens hanteert hij aanwijzingen van Rudolf Steiner. Göbel heeft zijn werk veerricht in het in 1967 opgerichte Carl Gustav Carus Instituut, een onafhankelijk instituut voor Goetheanistisch onderzoek. Het sluit aan bij de onderzoekswijze van Goethe.

Goethe beschouwde de natuur als bron voor zijn kunstzinnig en natuurwetenschappelijk werk. Wie hem in onze tijd naar deze bron wil volgen, heeft de richtinggevende hulp van de antroposofie nodig. Daarin is de grondslag van Goethe's werk verwoord. Zo krijgt het woord 'natuur' in deze visie op kunst en wetenschap een meerwaarde: natuur als de levensorganisatie van de mens, zijn etherlichaam, dat zich toont als haar metamorfose van de 'grote wereld' in de 'kleine wereld'. Uit deze geestelijke wereld haalde de scheppende mens altijd al zijn krachten. In oude tijden werd de mens geleid door de in de etherwereld scheppende wijsheid, waarvan het beeld ons tegenwoordig als natuurlijke wereld omgeeft.

GöbelDelphi2020-06-01

Delphi, inspiratieplaats voor sociale kunst - Thomas Göbel
Artikel uit 'Erziehungskunst' 1972 XXXVI 7/8, vertaald door Peter Oterdoom. Hier zelf te downloaden (11 pag.)